LoginInfo

Vraag en antwoord:

Laatste wijziging: 1 maart 2015

Algemeen

  1. Wat betekent het Activiteitenbesluit voor de rapportageverplichting?
    Het Activiteitenbesluit, deel agrarische activiteiten, is per 1 januari 2013 van kracht en vervangt het Besluit glastuinbouw. Dit betekent onder meer dat tuinders vanaf 1 januari 2013 zelf een rapportage in mogen dienen, overigens kan dit ook nog steeds via een dienstverlener. Zie ook verderop in deze “veel gestelde vragenlijst” onder de tuinder. Vanaf 1 januari 2013 geldt het nieuwe rapportageformulier, volgens het Activiteitenbesluit. Deze gewijzigde rapportage-eisen gelden voor de rapportage over 2013. Zie voor actuele informatie over het Activiteitenbesluit: Activiteitenbesluit
  2. Wat te doen als een RUD de taken op het gebied van handhaving gaat uitvoeren voor de gemeente?
    Op het moment dat een gemeente de handhavende taken overdraagt aan een Regionale UitvoeringsDienst (RUD) is het belangrijk dat de RUD toegang krijgt tot de UO-database. De RUD heeft de informatie nodig voor de handhaving bij glastuinbouwbedrijven. De gemeente of de RUD kan een kopie van het mandateringsbesluit, waarmee de taken worden overgedragen aan de RUD, sturen naar de servicedesk servicedesk@uo-glastuinbouw.nl. De servicedesk regelt dat de RUD toegang krijgt tot de informatie van de glastuinbouwbedrijven in de betreffende gemeenten.

Tuinder

  1. Ik wil graag mijn rapportage indienen. Hoe doe ik dat?
    Dit kan zoals altijd via een dienstverlener (voorheen geaccepteerd deskundige) die uw registratiegegevens controleert en aanlevert aan de UO. Onder het kopje ‘dienstverlener’ op de homepage vindt u een lijst met contactgegevens van dienstverleners . Sinds 1 januari 2013 kan een tuinder ook zelf de rapportage invoeren op deze website. Zie verder vraag 4 en 5.
  2. Ik kan niet inloggen, want ik beschik niet over mijn inloggegevens
    Met behulp van uw UO-nummer kunt u zelf op deze website een account aanmaken. Dit kan via de link Inloggen / Registreren. Daar geeft u het UO-nummer, de postcode van uw vestiging en uw e-mailadres op, samen met een (zelf gekozen) wachtwoord. Het wachtwoord is hoofd- / kleine lettergevoelig. De postcode bevat een spatie tussen de cijfers en de letters. Na de registratie ontvangt u een bevestiging van uw registratie per e-mail en kunt u direct verder met de invoer van de rapportage.
  3. Hoe kom ik aan een UO-nummer?
    Als u nog geen UO-nummer heeft, neem dan contact op met uw gemeente, de regionale uitvoeringsdienst of het waterschap. Zij kunnen in de UO-database toetsen of er voor uw bedrijf een UO-nummer bestaat. Als er geen UO-nummer is kan de gemeente, de regionale uitvoeringsdienst of het waterschap via de UO-website een nieuw bedrijf invoeren en een bijbehorend UO-nummer genereren.
  4. Voor wanneer moet de rapportage zijn ingediend?
    De rapportage moet jaarlijks voor 1 mei zijn ingediend over het voorgaande jaar. U kunt alleen rapporteren als u tijdens het jaar de lozing van drainage- of drainwater heeft geregistreerd. Grondtelers moeten ook het verbruik van meststoffen rapporteren.
  5. Welke gegevens moet ik rapporteren?
    In het modelformulier staat welke gegevens u moet rapporteren. Op hoofdlijnen betreft het de volgende informatie: Voor substraattelers het volume aan geloosd drainwater en de gehaltes aan meststoffen N (stikstof totaal) en P (fosfor totaal). Voor grondtelers daarnaast ook het verbruik aan meststoffen. Tevens dient u te rapporteren welke gewassen zijn geteeld gedurende welke periode en op welk oppervlak, het zogenaamde teeltplan.
  6. Een gewas dat ik teel staat niet in de lijst, hoe rapporteer ik dat?
    Als u een groente of sierteeltgewas teelt dat niet valt onder een gewasgroep in de lijst kunt u gebruik maken van respectievelijk de categorie overig niet sierteeltgewassen en overig sierteeltgewassen.
  7. Wat is een lysimeter
    Een lysimeter is een grote bak die in de grond wordt ingegraven onder de teeltlaag. In de bak wordt het drainwater dat uitspoelt uit de teeltlaag opgevangen, gemeten en geanalyseerd. Daarmee ontstaat een beeld van de uitspoeling van water met meststoffen naar het grondwater, bij teelt in de grond.
  8. Welke normen gelden voor mijn bedrijf?
    Als u op substraat teelt dan gelden voor uw bedrijf emissienormen. Dit is de maximale hoeveelheid stikstof (in kg’s) die u als bedrijf mag lozen. In de UO-database kunt u zien welke norm voor uw bedrijf geldt. De norm is afhankelijk van de gewassen die u teelt op uw bedrijf. Als voorbeeld: als u op uw bedrijf rozen teelt dan geldt dat de maximaal te lozen hoeveelheid stikstof 250 kg/jaar is. Als u in de grond teelt dan gelden er normen voor het maximaal verbruik aan kilogrammen stikstof en fosfor voor uw bedrijf. De norm is afhankelijk van de gewassen die u teelt. In de UO-database kunt u zien welke norm voor uw bedrijf geldt. Als u zowel op substraat als in de grond teelt dan geldt voor de teelt op substraat de emissienorm en voor de teelt in de grond de verbruiksnorm.
  9. Wat is een signaalwaarde?
    Telers moeten de water- en meststoffengift afstemmen op goed landbouwkundig gebruik. Als het bevoegd gezag daar aanleiding toe ziet kan het een teler vragen de meststoffengift nader te verantwoorden. Als het verbruik van stikstof en fosfor de signaalwaarde overschrijdt is dat zowel voor het bevoegd gezag als de tuinder een signaal dat het verbruik hoog is en er dus extra aandacht nodig is voor het meststoffenverbruik.
  10. Ik krijg bij het invoeren van de rapportage een foutmelding: ‘een andere instantie is bezig met deze rapportage’. Nu kan ik niet verder om de rapportage zelfstandig via de website in te voeren.
    Het is mogelijk dat een dienstverlener, die in het verleden uw rapportagegegevens heeft aangeleverd, ook dit jaar een rapportage voor u heeft aangeleverd. Via Milieurapportage per bedrijf op de website kunt u zien of er een rapportage is aangeleverd en of deze juist en volledig is. Als u de rapportage alsnog zelf wilt indienen, dan vragen wij u de dienstverlener te informeren en contact op te nemen met onze servicedesk via 085 1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  11. Ik wil graag inzage in mijn rapportage. Kan dit?
    Ja, na aanmelding op de UO-website kunt u inloggen en uw jaarrapportage inzien en uitprinten.
  12. Ik ga mijn bedrijf verhuizen. Wat moet ik doen?
    U meldt dit bij de gemeente of bij de Regionale uitvoeringsdienst. U ontvangt van deze organisatie een nieuw UO nummer dat u in het vervolg gebruikt voor de rapportage.
  13. Ik heb een ander bedrijf overgenomen, hoe moet ik rapporteren?
    U meldt dit aan de gemeente en/of regionale uitvoeringsdienst en ontvangt het UO-nummer dat u dient te gebruiken voor de rapportage op deze locatie.

Dienstverlener (voorheen geaccepteerd deskundige)

  1. Ik kan niet inloggen
    Voor de inlogcodes kunt u contact opnemen met de servicedesk via 085-1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  2. De contactpersoon voor onze organisatie is gewijzigd. Hoe geef ik dit door?
    Een wijziging van contactpersoon kunt u doorgeven aan de servicedesk op 085-1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  3. Waar vind ik informatie over het Activiteitenbesluit en de rapportageverplichting?
    Informatie over het Activiteitenbesluit vindt u op de site van Infomil. Op de homepage van de UO-IMT vind u het rapportageformulier.
  4. Hoe krijg ik een UO-nummer voor een bedrijf?
    De dienstverlener verwijst tuinders voor wie het UO-nummer onbekend is of nog moet worden aangemaakt naar de verantwoordelijke gemeente, regionale uitvoeringsdienst of het waterschap. De gemeente en/of het waterschap kan via de UO-website een nieuw bedrijf invoeren en een UO-nummer genereren. NB: de gemeente checkt altijd eerst of er al een UO-nummer is voor de betreffende locatie. Zo ja, dan wordt dit nummer doorgegeven.
  5. Ik kan een UO-nummer niet vinden in de UO-database, terwijl de tuinder dit nummer gebruikt, hoe kan dit?
    Het kan zijn dat de tuinder niet het juiste UO-nummer heeft. Via de servicedesk kunt u nagaan wat het juiste UO-nummer is. Als de tuinder geen UO-nummer blijkt te hebben, dan maakt de gemeente, de regionale uitvoeringsdienst of het waterschap dit voor de tuinder aan via de UO-website. Meer informatie over NAW-beheer vindt u in het PDF NAW-Protocol.
  6. Ik heb een tuinder die op een nieuwe locatie is gaan telen. Wat moet ik doen?
    U vraagt een nieuw UO nummer aan voor de tuinder bij de gemeente waarin het bedrijf is gelegen.
  7. Ik heb een bedrijf dat is overgenomen door een nieuwe ondernemer, moet dit bedrijf een nieuw UO-nummer krijgen?
    Nee. Vanaf 1 januari 2012 is het UO-nummer alleen gekoppeld aan de locatie. U moet het bestaande nummer gebruiken. U kunt bij het invoeren van de rapportage ook de nieuwe contactgegevens doorgeven.
  8. Ik heb een bedrijf dat is onderverhuurd. Moet de huurder een nieuw UO-nummer aanvragen?
    Nee. Vanaf 1 januari 2012 is het UO-nummer alleen gekoppeld aan de locatie. De huurder moet hetzelfde UO-nummer gebruiken. Als het over een deel van de tuin gaat of een tijdelijke situatie moeten de eigenaar en de huurder afspraken maken over het rapporteren aan de UO.
  9. Kan ik van een bedrijf dat is gestopt nog een rapportage invoeren?
    Tot een jaar nadat het bevoegd gezag het bedrijf in de database heeft gesloten, kan de rapportage worden ingevoerd.
  10. Ik constateer dat het vestigingsadres in de UO-database onjuist is, wat moet ik doen?
    Als de NAW-gegevens anders zijn, verwijst u de tuinder naar de gemeente, de regionale uitvoeringsdienst of het betreffende waterschap zodat zij de gegevens kunnen aanpassen. Postadresgegevens kunt u zelf wijzigen.
  11. Hoe lever ik na 1 mei nog aanvullende gegevens aan voor een rapportage?
    U heeft tot 1 mei de tijd om rapportages aan te leveren van tuinders. Na 1 mei krijgen rapportages in de database de status ‘definitief’. Dit betekent dat een rapportage in principe niet meer kan worden gewijzigd. Aanleveren van extra gegevens is alleen mogelijk nadat het bevoegd gezag via ‘status rapportage’ een bedrijf de tijd heeft gegeven om aanvullende gegevens aan te leveren. In de alle bedrijvenrapportage kolom M: status rapportage kunt u de status van de rapportage zien.
    Als voor een bedrijf nog geen rapportage is aangeleverd of de rapportage is afgekeurd, dan kunt u na 1 mei nog wel een rapportage aanleveren.

Bevoegd gezag

  1. Ik kan niet inloggen
    Voor de inlogcodes kunt u contact opnemen met de servicedesk via 085-1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  2. De handhaver/contactpersoon voor informatie over de UO-Glastuinbouw is gewijzigd.
    De gewijzigde gegevens van de contactpersoon voor de UO kunt u doorgeven aan de servicedesk via 085-1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  3. Is het criterium uit het Besluit Glastuinbouw dat alleen glastuinbouwbedrijven met een permanente opstand van glas of kunststof van meer dan 2500m2 moeten rapporteren nog geldig?
    In het Activiteitenbesluit wordt geen ondergrens aangehouden voor de rapportageverplichting. Dit betekent dat in principe alle bedrijven moeten rapporteren. Het is aan het bevoegd gezag om te bepalen in hoeverre de rapportageverplichting doelmatig is voor het bedrijf. In specifieke gevallen kan het bevoegd gezag besluiten om te volstaan met een registratieplicht. Ga hiervoor in het menu naar Beheer. Klik de totaallijst aan. Selecteer één van de bedrijven. Klik op het potloodje om het bedrijf te bewerken. Onder ‘Deelnemer’ vindt u het veld ‘Actief’. Daar kunt u via het pijltje kiezen voor de optie Ja, niet rapportageplichtig, maar wel registratieplichtig.

    Afbeelding 3
  4. Ik heb een bedrijf dat gaat sluiten of is gestopt, hoe geef ik dat aan ? U kunt de status van het bedrijf wijzigen naar ‘inactief’ of ‘definitief inactief’. Een bedrijf is ‘definitief inactief’ als het bijvoorbeeld is gesloopt en er op deze locatie geen bedrijf meer komt. Het bedrijf wordt een jaar nadat het deze status heeft gekregen uit de database gehaald. Als het bedrijf gaat sluiten kunt u aangeven wat de einddatum is van de actieve status. Ga hiervoor in het menu naar Beheer. Klik de totaallijst aan. Selecteer één van de bedrijven. Klik op het potloodje om het bedrijf te bewerken. Onder ‘Deelnemer’ vindt u het veld ‘Actief’, met daaronder de opties
    ‘inactief’
    ‘definitief inactief’

    Zie voor meer informatie ook het NAW-protocol.
  5. Ik heb een bedrijf dat is overgenomen door een nieuwe ondernemer. Moet dit bedrijf een nieuw UO-nummer krijgen?
    Nee. Vanaf 1 januari 2012 is het UO-nummer alleen gekoppeld aan de locatie. Het bedrijf moet het bestaande nummer gebruiken. Zie voor meer informatie ook het PDF NAW-Protocol.
  6. Ik heb een bedrijf dat is onderverhuurd. Moet de huurder een nieuw UO-nummer aanvragen?
    Nee. Vanaf 1 januari 2012 is het UO-nummer alleen gekoppeld aan de locatie. De huurder moet hetzelfde UO-nummer gebruiken. Als het over een deel van de tuin gaat of een tijdelijke situatie moeten de eigenaar en de huurder afspraken maken over het rapporteren aan de UO.
  7. Een tuinder geeft aan dat hij/zij heeft gerapporteerd. Ik kan de rapportage niet terugvinden in de UO-database. Hoe kan dit?
    De snelste manier om te zien of een tuinder een rapportage heeft ingeleverd is via de rapportage 'alle bedrijven'. Deze rapportage geeft u een overzicht van alle bedrijven. Mocht de rapportage van de tuinder hier niet bij staan dan is het vooral belangrijk om te toetsen onder welk UO-nummer de tuinder rapporteert en of dit een actief UO-nummer is. Neem voor vragen contact op met de UO-servicedesk op 085-1045255 of servicedesk@uo-glastuinbouw.nl.
  8. Hoe kan ik zien welke bedrijven gerapporteerd hebben, welke nog niet en waarom niet?
    In de lijst 'alle bedrijven' zijn alle glastuinbouwbedrijven in uw gebied opgenomen. Hier kunt u zien of tuinders wel of niet hebben gerapporteerd en wat er is gerapporteerd. Een rapportage wordt afgekeurd als basale gegevens ontbreken. In de ‘alle bedrijven’ rapportage wordt dan vermeld dat de rapportage is afgekeurd.
  9. Ik wil de rapportage ‘alle bedrijven’ opvragen om inzicht te krijgen in de bedrijven die rapporteren maar dit lukt niet.
    Bij het opvragen van de lijst alle bedrijven kan het enige tijd duren voordat de lijst via de website is te downloaden. Uw opdracht wordt in een wachtrij geplaatst. Wanneer het genereren voltooid is, zult u een e-mail ontvangen, dat de rapportage voor u klaar staat op de website.
  10. Hoe kan ik zien welke gegevens ontbreken in de rapportage?
    De rapportage ‘alle bedrijven’ laat zien of een rapportage volledig is en zo nee, wat de reden is dat de rapportage onvolledig is. De belangrijkste redenen zijn, het ontbreken van:

    • De dienstverlener geeft aan dat de rapportage onvolledig is. De reden is dat de rapportage niet op 13 periodes is gebaseerd.
    • Ongeldig aantal lozingen, dit betekent dat er niet voor 13 periodes een geloosd volume is aangeleverd
    • Ongeldig aantal metingen, dit betekent dat er geen 7 (voor substraat) of 4 (voor grond) maal gehaltes van NH4, NO3 en P zijn doorgegeven (indien er lozing is).
    De dienstverlener en de tuinder hebben na het invoeren van de rapportage een terugmelding ontvangen dat de rapportage onvolledig is.
  11. Wanneer wordt een rapportage afgekeurd?
    Een rapportage wordt afgekeurd als basisinformatie ontbreekt die nodig is om te toetsen of een rapportage volledig is. Het gaat om de volgende gegevens.

    • Teeltplan
    • Teeltwijze
    • Lozingsvorm
    In de ‘Alle bedrijven rapportage’ kunt u zien wat de reden is dat de rapportage is afgekeurd. Eén van de redenen is dat er een fout in aanleveren is gemaakt. De dienstverlener heeft bij invoering van deze rapportage een specifieke terugmelding ontvangen waarom de rapportage is afgekeurd en dus niet is ingelezen.
  12. Bij het aanmaken of wijzigen van NAW-gegevens via de website kan ik opgeven dat een tuinder aan speciale rapportage eisen moet voldoen (maatwerkvoorschriften). Wat wordt daarmee bedoeld?
    In het Activiteitenbesluit, artikel 3.69 voor de substraatteelt en artikel 3.74 voor de grondteelt staat dat het bevoegd gezag, indien de meet-, bereken- en rapportagevoorschriften niet doelmatig zijn bij maatwerkvoorschrift een andere wijze van meten berekenen, registreren of rapporteren kan voorschrijven.

    Gemeenten en waterschappen passen maatwerk toe als de normale rapportage-voorschriften niet werken voor een bedrijf. Het is bijvoorbeeld mogelijk om voor de bedrijven met zowel grond- als substraatteelt aan te geven dat het bedrijf alleen voor één van beide teelten hoeft te rapporteren.

    Tevens kan het bevoegd gezag hier aangeven dat de geloosde hoeveelheid N en P mag worden berekend als ‘meten’ om redenen niet mogelijk is. Onder ’maatwerk’ kan het bevoegde gezag ook de indien-termijn voor een rapportage tijdelijk verlengen in de database. Tuinders die een onvolledige rapportage hebben aangeleverd kunnen deze dan alsnog aanvullen.
  13. Hoe en waar voer ik een maatwerkvoorschrift in?
    Ga in het menu naar Beheer. Klik de totaallijst aan. Selecteer één van de bedrijven. Klik op het potloodje om het bedrijf te bewerken. Scroll naar de mogelijkheid speciale rapportage-eisen. Geef daar aan vanaf welk jaar de speciale rapportage-eisen gelden voor dit bedrijf. Er zijn twee opties, namelijk:

    Combitelers: Het bevoegd gezag kan aangeven dat uitsluitend voor de substraatteelt of voor de grondteelt hoeft te worden gerapporteerd.

    Berekenen in plaats van meten: In specifieke situaties kan het voor een tuinder vrijwel onmogelijk zijn om het geloosd volume drain(age)water te meten en/of de gehaltes N en P. In dat geval kan het bevoegd gezag toestemming geven om berekende gegevens aan te leveren. Een tuinder heeft dan ook de mogelijkheid om één berekende waarde aan te leveren, in plaats van 13 keer een geloosd volume drainwater en 7 of 4 keer de gehaltes aan meststoffen. Dit kan bij ‘mag gegevens berekend aanleveren’. Zie Afbeelding 1 voor een voorbeeld van bovenstaande.

    Afbeelding 1
  14. Na 1 mei moet een bedrijf nog aanvullende gegevens aanleveren, hoe verander ik de status van de rapportage naar concept?
    Rapportages hebben vanaf 1 mei de status definitief. Deze kunnen alleen worden gewijzigd als het bevoegd gezag de status omzet naar ‘concept’. Dit kan op de volgende manier:

    Ga in het menu naar Beheer. Klik de totaallijst aan. Selecteer het bedrijf. Klik op het potloodje om de gegevens van het bedrijf te bewerken. Scroll naar de mogelijkheid ‘verzoek om aanvullende informatie voor de milieurapportage over’. Daar geeft u aan voor welk rapportagejaar het bedrijf aanvullende gegevens moet aanleveren en hoeveel tijd het bedrijf daarvoor krijgt. Sla de wijzigingen die u doorvoert altijd op. Zie afbeelding 2 voor een voorbeeld.

    Afbeelding 2
  15. Als ik de totaallijst raadpleeg, zie ik bedrijven die niet onder mijn bevoegd gezag vallen maar onder een ander bevoegd gezag.
    In dat geval neemt u contact op met de servicedesk. Uw account met rechten wordt dan aangepast, zodat alleen bedrijven uit uw gebied aan uw account zijn gekoppeld.